vrijdag 29 juni 2007

XLII

Achteraf concludeerde hij dat het verblijf in Engeland hem goed had gedaan. Terwijl hij thuis terugviel in zijn dagelijkse routine, had hij er nu een beter gevoel bij dan voor hij zo snel vertrokken was. Colin mailde regelmatig en wist hem zelfs te vertellen dat Tamar de baan in Londen had geaccepteerd en daar lange dagen maakte. Hierbij bezwoer Colin dat hij het via-via had gehoord en dat hij haar niet meer gezien had. Toen ze er over de telefoon over spraken, werd het gesprek op een wat komische manier gevoerd. Vanwege het aanhoudende gekwetter van de jaloerse Tania op de achtergrond, kwam Colin’s verhaal over Tamar met horten en stoten en flink wat onderbrekingen tot stand. Zowel de wijze waarop Colin zich in allerlei bochten wrong (fluisteren, haar vragen om een drankje in te schenken, Nederlandse woorden te gebruiken) om Tania buiten de inhoud van het gesprek te houden, als de wetenschap dat Tamar niet opnieuw met zijn vriend het bed was ingedoken, had hem vrolijker gemaakt. Wel was hij nog teleurgesteld dat ze hem nooit meer gebeld had.

Rover liet zich amper door hem aaien en leek het hem kwalijk te nemen dat hij was weggegaan. Zijn kater leek wel wat dikker te zijn geworden dankzij de goede verzorging door zijn buurvrouw. De eerste dagen had ze telkens wel een smoesje gevonden om bij hem langs te komen, maar gelukkig was ook dat nu afgezwakt tot het obligate praatje bij de voordeur en elkaar vriendelijk gedag zeggen in de supermarkt of op straat. Met Brian en Wijnand was hij meerdere keren per week te vinden in Floow, Berger of één van de cafés er tussen in. Brian had weer zijn manie dat ‘stamkroegen je beperken in je denkpatronen’ en stond erop iedere keer een andere kroeg te kiezen.

donderdag 28 juni 2007

XLI

Harjo zat onderuit gezakt in zijn oude chesterfield stoel en las voor uit de folder die hij voor zich hield: ‘In het gebied waarop de woning staat verdwijnt het regenwater niet in het riool maar wordt via de oppervlakte afgevoerd naar zogenaamde wadi’s waar het zich verzamelt en langzaam infiltreert in de bodem. De hemelwaterafvoeren van de woningen lozen het water rechtstreeks of via een molgoot op het openbaar gebied’.
Tamar liep heen en weer door de woonkamer en probeerde Harjo’s truien en overhemden, her en der verspreid over vloer van woonkamer, richting de slaapkamer te gooien. Al zeker een half uur hing hij in zijn lievelingsstoel en bladerde door een kleurige folder van een nieuw onderdeel van de nieuwbouwwijk Terwijde. Hoe meer details hij over de oh zo gezinsvriendelijke wijk opdiste, des te benauwder Tamar het kreeg. Waarom was hij in hemelsnaam thuisgekomen met die folder? En waarom wilde hij zo graag terug naar Utrecht terwijl ze hier, in haar appartement in Zuid, toch prima zaten?
Nadat alle kledingstukken uit de woonkamer op de vloer en het bed van slaapkamer lagen begon ze afwas te verzamelen en naar de keuken te dragen. Harjo las ondertussen verder in de folder en gooide het volume van zijn citaten omhoog toen ze de keuken in verdween. ‘Tamar, dit is toch goed? dit is toch de volgende stap? Ik moet een plek hebben om de auto te parkeren’. Tamar reageerde niet. Harjo kwam de keuken in, ging achter haar staan en sloeg zijn armen om haar middel. ‘Lieffie, we kunnen toch samen zo’n leuk huisje kopen en kindjes gaan maken?’
‘Je moet de vuilnis nog naar beneden brengen’, was haar enige antwoord. Vier dagen later had ze Harjo betrapt met het anorexia model. Ze had hem meteen met al zijn spullen het huis uit gegooid.

woensdag 27 juni 2007

XL

Aanvankelijk drong het verhaal van Colin maar nauwelijks tot Thomas door. Hij hoorde zijn vriend spreken over het juweel dat hijzelf hem jaren eerder had laten zien, over de lege doos die Colin had aangetroffen in een lade op zijn slaapkamer en diens vermoedens over de werkelijke reden dat hij probeerde Hannah op te sporen. De woorden werden wel geregistreerd door zijn hersenen, maar om de één of andere reden kon hij ze niet direct in verband brengen met het hier en nu en dwarrelden de zinnen los rond in zijn hoofd en dreven ze zonder binding van elkaar vandaan. Zijn slapen bonsden en het klanken van Colin’s spraak werd vermengd met het geluid van een zware trom. Hij verontschuldigde zich en zonder op het verbaasde gezicht van zijn vriend te letten, liep hij richting het toilet. Voor de spiegel zag hij dat er een adertje in zijn linkeroog was gesprongen, waardoor zijn oog er rood uitzag. Het ooglid trilde licht mee met het rondpompen van zijn bloed.

Pas nadat hij een paar minuten voor de spiegel had gestaan, met zijn handpalmen op de rand van de wasbak, kon hij de verbanden weer leggen en de meeste zinnen die in zijn hoofd dwaalden, grijpen en in de juiste volgorde rangschikken. Colin was nog een stuk slimmer gebleken dan hij al gedacht had. Hij moest het hem dat toch nageven, al was het doorzoeken van zijn lade wel een achterbakse streek geweest. Nooit eerder had hij er spijt van gehad dat hij Colin in vertrouwen had genomen wat het juweel betreft. En nu hij erover nadacht, was hij zelfs opgelucht. Eindelijk had hij iemand om er over te praten. Hij had overwogen om Tamar over het juweel te vertellen, maar iets had hem tegengehouden. Misschien verstandig nu ze weer vertrokken was.

dinsdag 26 juni 2007

XXXIX

Ze speelde met een potlood terwijl ze naar buiten keek. Ze was om half 9 op kantoor aangekomen, het was nu half 11. Ze had haar werk af. Ze bladerde door wat Law Journals en dacht na over haar leven. Er waren twee redenen geweest om naar deze baan te solliciteren, of eigenlijk drie. Allereerst wilde ze het Amsterdamse wereldje en de sleur ontvluchten, ten tweede wilde ze Harjo vergeten en ten derde hoopte ze stiekem in Londen meer van Hannah te weten te komen. Niets van dat alles was eigenlijk gelukt tot nu toe. Nog een paar uur en haar tweede werkweek in Londen zou erop zitten. De Amsterdamse sleur had ze achter zich gelaten, maar die was ingeruild voor Londense sleur. Ze was Harjo nog niet vergeten en van Hannah had ze geen spoor gevonden. Ze moest een plan maken om haar leven hier in de stad aangenamer te maken.Allereerst zou ze actiever op zoek moeten naar sociale contacten. Daarnaast moest ze meer gebruik maken van de voordelen die Londen te bieden had. Ze moest meer musea bezoeken en vrienden gaan maken. Als ze dat wist te verwezenlijken zou ze vast ook Harjo sneller vergeten.Ze googlede een aantal musea in Londen en besloot om dat weekend Tate Modern te gaan bezoeken. Ze besloot die avond thuis verder te zoeken naar sportverenigingen zodat ze ‘vrienden kon gaan maken’. Ze keek weer uit het raam en moest denken aan het voorval met Harjo, nu een paar maanden geleden. Als dat niet was gebeurd, als ze die dag niet eerder naar huis was gegaan. Dan had haar leven er nu heel anders uit gezien. Misschien had ze dan nu wel in een nieuwbouwwijk gewoond en met Harjo op een meubelboulevard staan ruziën over een salontafel of iets anders onbenulligs.

maandag 25 juni 2007

XXXVIII

‘Het heeft geen zin dat te ontkennen, denk ik,’ antwoordde Thomas.
‘Nee, dat denk ik ook niet.’
Colin zuchtte. ‘Je vindt haar niet. Dat heb ik je drie jaar geleden al gezegd. Hannah heeft ervoor gekozen onvindbaar te zijn. Zelfs in dit digitale tijdperk kan iemand voorkomen gevonden te worden. Wordt het niet eens tijd dat je deze obsessie achter je laat?’
‘Het is geen obsessie,’ sprak Thomas een gekweld gezicht. ‘Niet meer.’
‘Houd je nog van haar?’ vroeg Colin op strenge toon.
Thomas maakte een hulpeloos gebaartje. ‘Ik weet het niet. Eerst dacht ik van wel. Maar nu? Misschien, soms denk ik van wel. Maar ik heb haar drie jaar niet gezien. Ze is weggegaan. Zonder iets te zeggen.’
Thomas wreef vermoeid met één hand door zijn gezicht.
‘Ik wil in elk geval van haar weten waarom ze vertrokken is. Ik wil antwoorden.’
‘En je wilt je juweel terug,’ voegde zijn vriend er haast fluisterend aan toe.
Met een ruk kwam Thomas overeind uit zijn stoel. De drank klotste uit zijn glas op de grond. ‘Hoe weet jij dat?’ schreeuwde hij. ‘Wie heeft je dit verteld? Hoe…’
‘Rustig!’ Colins stem was als een zweepslag. ‘Ga zitten en luister, domme jongen.’
Trillend van woede liet Thomas zich terugzakken in zijn stoel. Nu pas realiseerde hij zich dat hij de whiskey over zijn hand had gegooid. Hij likte de drank van zijn handpalm en keek om zich heen of hij een doekje zag.
‘Laat maar liggen,’ zei Colin. ‘Dat komt wel in orde.’
Hij kuchte beleefd. ‘Ben je gekalmeerd? Ik wil dat je goed naar me luistert.’
Thomas klemde zijn kaken op elkaar en knikte stom. Tot zijn tevredenheid zag Colin dat zijn vriend zich ontspande. Ergens had hij wel medelijden met hem, maar ze moesten dit gesprek nu voeren.

vrijdag 22 juni 2007

XXXVII

De eerste dagen in Londen waren omgevlogen. Ze was er nu bijna een week en begon enige routine te ontwikkelen. Ze wist hoe laat ze van huis weg moest gaan om op tijd op kantoor te komen. Ze wist waar de supermarkt zat en voelde zich al een beetje thuis in haar appartement. Om zich nog meer thuis te voelen had ze haar ouders gevraagd haar kitchenaid en haar collectie kookboeken op te sturen. Ook had ze twee reproducties van Picasso gekocht en die opgehangen op de plaats in haar appartement waar twee bizarre actionpainting achtige schilderijen hadden gehangen. Ze had nog geen vrienden gemaakt. Ze besefte dat dat ook niet kon in minder dan een week tijd, maar het was haar zelfs niet gelukt het begin van een warme band op te bouwen met haar collega’s Alleen Gladys, haar secretaresse, en de recruiter, die toch echt Felicia bleek te heten, hadden haar gevraagd hoe het was gegaan met het settelen en hadden haar aangeboden haar een keer wat van Londen te laten zien. Haar andere collega’s leken niet of nauwelijks geïnteresseerd en spraken haar alleen maar aan als ze haar ergens voor nodig hadden. Zo had ze de eerste week een paar keer bij kunnen springen met wat informatie over het Nederlandse recht en hadden drie collega’s haar iets gevraagd over Duits recht. Die drie vragen waren vrij overbodig geweest want achteraf bleken de vragenstellers het antwoord zelf ook al te hebben, wat ze omstandig demonstreerden door hele verhandelingen over Duitse jurisprudentie te houden. Ze hoopte dat ze volgende week bij een cliëntenbespreking mocht zitten. Eigenlijk was haar week vrij saai geweest. Afgezien van de spanning van een nieuwe stad was hij nog saaier geweest dan een werkweek in Amsterdam. Ze hoopte maar dat dat snel zou gaan veranderen.

donderdag 21 juni 2007

XXXVI

‘Ben er weer.’
Colin keek op en zag Thomas in de deuropening van zijn werkkamer staan. Hij glimlachte. ‘Ik hoorde de garagedeur al. Hoe ging het?’
‘Goed.’
‘Niet te kritisch publiek?’
Thomas trok een gezicht. ‘Mwoah. Drinken?’
Colin tilde zijn scotch op. De ijsblokjes rinkelden tegen het glas. ‘Ben al voorzien. Help jezelf,’ vervolgde hij met een hoofdknik naar het drankkabinet. Terwijl Thomas inschonk, vroeg hij zonder zich om te draaien wat Colin aan het doen was.
‘Ik beoordeel het broddelwerk van sommige van mijn studenten.’
Thomas gooide zich in een stoel tegenover Colin’s bureau en nam kleine slokjes van zijn whiskey. ‘Zo erg?’
‘Laat ik zeggen dat sommige ouders hun geld beter hadden kunnen besteden.’
Met driftige handgebaren bladerde hij door de stapels essays op zijn vloeiblad. ‘Dit ontstijgt amper het niveau van een eerstejaars. Alsof ze door al mijn colleges westerse architectuur hebben heengeslapen.’
Vol walging schoof hij de papieren in elkaar. ‘Ik ga morgen wel verder. Anders word ik echt chagrijnig.’
Thomas wachtte even tot Colin achterover gezakt was in zijn stoel en nog een slok had genomen. ‘Ik ga overmorgen weer terug naar Nederland.’
Colin knikte. ‘Dat dacht ik al.’ Hij leek even te aarzelen. ‘Wil je het nu over Tamar hebben?’
Thomas keek verrast op, waarna er een grijns op zijn gezicht gleed. ‘Wat ben jij ineens direct. Weet je zeker dat je wel Brits bent?’
Zijn vriend wuifde die opmerking weg. ‘Serieus, Thomas. We moeten er een keer over praten.’
Zonder te wachten op een reactie, ging hij verder. ‘Ik begreep van haar dat jullie op dezelfde ochtend zijn aangekomen. Gezien jouw telefoontje de avond daarvoor, heb ik de indruk dat jouw vroege komst iets te maken heeft met haar reisplannen. Heb ik gelijk?’
‘Dat zou kunnen kloppen.’
‘Nog steeds op zoek naar Hannah?’

woensdag 20 juni 2007

XXXV

Het afscheid op haar werk was kort en zakelijk geweest. Het was donderdagavond en een groot aantal kantoorgenoten had nog allerlei zaken af te handelen toen de borrel rond 7 uur begon. Er waren een stuk of tien jongere collega’s langsgekomen. Jongens en meisjes met wie ze de opleiding had gevolgd en met wie ze het beste kon opschieten. Ze bestelden biertjes, en praatten wat over het Engelse recht en over werk. De meeste van haar collega’s waren nog onder de dertig, maar ze gedroegen zich alsof ze de veertig al ver gepasseerd waren. Eentje begon er over aandelen en de beurs te praten en alleen Célise waagde het een luchtiger onderwerp aan te snijden; of iemand de nieuwste Viva had gelezen. Er viel een stilte. Tamar vond dit altijd zo treurig. Iedereen deed maar alsof er naast werken en het recht niets anders in het leven was. Als iemand aangaf wel eens iets anders dan het NJB te lezen werd er meesmuilend op gereageerd. Een van de jongens die daar stond nam zelf elke skivakantie een jaargang NJB’s mee om ze na te lezen. En Boris had een stapel Assers naast zijn bed liggen. Daar las hij in voordat hij ging slapen. Dat wist ze omdat ze eens met z’n allen pizza hadden gegeten bij Boris thuis.
Ze keek Célise geïnteresseerd aan : ‘Wat stond er in, meid’, zei ze. Een aantal jongens murmelde weer zachtjes door over de beurs en Getronics en dus kon ze rustig verder praten over de Viva. Célise dacht dat een kantoorgenoot van hun in de 'Anybody' had gestaan. Tamar beloofde de foto dit weekend te bestuderen en haar vanuit Londen te mailen wat ze er van dacht. Al snel bloedde het feestje dat nooit een feestje was geworden dood. Opgelucht reed Tamar naar huis.

dinsdag 19 juni 2007

XXXIV

Zijn laatste lezing ging van een leien dakje. Ondanks het regenachtige weer was het behoorlijk druk in de aula van een middelbare school in Croydon. Uit het vragenrondje na afloop bleek ook dat er aandachtig was geluisterd. Toen hij wilde vertrekken, werd hij belaagd door een oudere man in een vlekkerige regenjas, die een afspraak met hem wilde maken. Na een blik op de fanatieke ogen in een rimpelig en dooraderd gelaat besloot Thomas dat de man psychisch niet helemaal lekker was en poeierde hij hem af.

Op het herentoilet was het rustig. Niet verwonderlijk, want de meerderheid van de aanwezigen waren inderdaad de dames van een bepaalde leeftijd geweest die hij wel verwacht had. Thomas boog zich over een wasbak en plensde twee handen koud water over zijn gezicht. Hij kwam overeind en tuurde in de spiegel. Zijn grijsblauwe ogen staarden vermoeid naar hem terug. Wat zou hij nu gaan doen? Terugvliegen naar Nederland? Hij was halsoverkop naar Londen vertrokken, veel eerder dan de bedoeling was omdat hij had gehoopt dat Tamar daar Hannah zou treffen. Wat een tijdverspilling was het geweest om haar te zoeken. Hij had haar beter in Nederland kunnen spreken. Dan had hij in elk geval niet geweten dat ze met Colin het bed in zou duiken. Hij had nog steeds niet door wat hun connectie nu precies was. Met zijn vingers kamde hij zijn sluike blonde haar van zijn voorhoofd. Wat een vreemde situatie was het ook eigenlijk. Tamar was duidelijk niet meer het magere kind met de kapotte knieën, zoals hij haar had leren kennen. Hoe oud was ze toen geweest? Een jaar of dertien? Ja, dat moest haast wel. Een jaar of vier jonger dan Hannah. Hij had haar volwassen zien worden. Zou ze nu net zo gek zijn als haar zus?

maandag 18 juni 2007

XXXIII

Ze had net een snelle douche genomen en een bakje yoghurt gegeten toen haar ouders hadden aangebeld. Ze waren de hele ochtend in de weer geweest met het naar beneden dragen van dozen en meubels. In Londen zou ze niet veel spullen nodig hebben. Ze nam wat kleren en boeken mee, de rest zou worden opgeslagen in de schuur van een bevriende boer van haar ouders. Ook haar autootje zouden haar ouders meenemen. Aan het einde van de middag zou haar moeder achter het busje van haar vader aan naar zeeland rijden.
Toen rond 1 uur alles in het busje stond, aten ze in de buurt bij een klein brasserietje een broodje. Ze praatten wat over Londen en spraken af dat haar ouders snel langs zouden komen. De eerste maanden zou Tamar in een klein appartement van het kantoor kunnen wonen vlakbij Oxford Street en Marble Arch. Daarna zou ze iets anders moeten gaan zoeken en zou ze haar meubels over kunnen laten komen.
Ze kende eigenlijk niemand in Londen behalve Colin en Thomas, hoewel zij beiden praktisch gezien niet in Londen woonden en ze niet van plan was het contact met beide heren aan te gaan halen. Haar ouders maakten zich duidelijk zorgen dat ze zou vereenzamen. Vereenzamen was een woord dat haar vader vaak gebruikte en dat hem blijkbaar zelf veel angst aanjoeg, want hij bleef erover doorgaan. Dat ze maar contact moest leggen met kantoorgenoten en moest uitzoeken of er een Nederlandse vereniging in Londen was. En dat ze niet alleen moest gaan hardlopen maar naar en sportvereniging moest. Met haar kloppende kater-hoofdpijn lukte het Tamar niet geïnteresseerd te luisteren en haar vader gerust te stellen. Ze liet het maar zo, over een paar weken zou ze hem wel bellen en zeggen dat ze verre van vereenzaamd was.

vrijdag 15 juni 2007

XXXII

‘Niet echt origineel, maar ze aten uit je hand,’ zei Colin, terwijl hij Thomas de hand schudde. Intussen stroomde de collegezaal langzaam leeg. Thomas beantwoordde de hoofdknikjes van sommige studenten met een glimlach en antwoordde vanuit zijn mondhoeken: ‘originaliteit wordt zwaar overschat. Ik kom hier ook niet om hun wereld op zijn kop te zetten. Als ze intellectueel echt uitgedaagd willen worden, moeten ze jouw colleges maar volgen.’
Hij zag dat Colin’s mondhoeken zich licht vertrokken, maar die hapte niet toe.
‘Lunch dan maar?’ opperde Thomas.
‘Eerst wandelingetje doen?’

Via een flinke omweg liepen ze Catte Street in, langs het ronde Radcliffe Camera en de Old Bodleian. Hoe vaak had hij daar niet gezeten, turend naar oude teksten en aantekeningen makend met potlood op lange vellen papier? In de pub werden ze hartelijk begroet door eigenaar Peter. Ze bestelden alle twee een biertje en gebakken eieren met worstjes en zochten een tafeltje achterin. Terwijl ze op hun eten wachtten, begonnen ze een geanimeerde discussie over het aanstaande premierschap van Gordon Brown en de historische impact van de tien jaar van Blair’s New Labour. Nadat de serveerster de borden had neergezet, viel hun gesprek stil en werd hun zwijgen alleen onderbroken door prijzende woorden over het voedsel. Toen schoof Colin zijn bord aan de kant en leunde met een zucht achterover.
‘Ik moet meer gaan sporten,’ zei hij, terwijl hij met zijn handen over zijn buik wreef. ‘Zeg,’ voegde hij er quasi-nonchalant aan toe, ‘heb je nog iets van Tamar gehoord?’
Hoe graag Thomas hem ook had willen vertellen dat ze hem gebeld had, moest hij tot zijn teleurstelling toegeven dat ze dat niet gedaan had. Hij probeerde zich voor te houden dat ze het te druk had. Hij had geen idee of ze de baan in Londen nu uiteindelijk had gekregen.

donderdag 14 juni 2007

XXXI

Het was zaterdagochtend 8 uur. Met prikkende ogen en een duidelijk katergevoel probeerde Tamar de radiowekker op het nachtkastje een enorme mep te verkopen. Over een uur zouden haar ouders op de stoep staan om een groot deel van haar spullen mee te nemen naar hun huis in Zeeland.
Ze voelde zich beroerd. De avond ervoor had ze doorgebracht in een cocktailbar in het centrum. Samen met Sam en Pat had ze vanaf acht uur onafgebroken haar best gedaan alle cocktails van de kaart te bestellen. Sam, eigenlijk heette ze Samantha, en Pat, de afkorting voor Patrick, waren uit Leiden en Den Haag gekomen om de wekelijkse sleur te doorbreken en het oude studentengevoel weer op te roepen. Sam woonde in Leiden samen met Paul en was sinds een half jaar de niet zo trotse moeder van een monster van een baby. Pat had, sinds hij drie jaar geleden uit de kast was gekomen, eigenlijk geen nacht meer alleen geslapen. Zijn sleur bestond er eigenlijk uit dat hij zich elke ochtend weer afvroeg wie de man naast hem was. Nadat ze van de kaart een stuk of vijftien cocktails hadden geprobeerd en toe waren gekomen aan de cocktails voor twee of meer personen, ‘de emmers’ zoals Pat ze noemden, was het gesprek op Colin gekomen. En uiteraard waren haar twee roddelzieke vrienden hysterisch geworden van nieuwsgierigheid toen ook Thomas in het verhaal bleek voor te komen. Want ook al was Thomas soms wat vreemd, volgens Pat was hij wel enorm lekker. ‘Zo’n man, zo’n intellect, die ogen, die laat je toch niet meer los!’ had Pat door het café geroepen. ‘En hij heeft je naakt gezien, dit is voorbestemd!’ Pat bleef het de hele avond als een mantra door het café schreeuwen: ‘hij heeft je naakt gezien, dit is voorbestemd.'

XXX

Thomas legde zijn pen neer en rekte zich steunend uit. Het voorbereiden van zijn twee gastcolleges kostte hem minder tijd dan hij gedacht had. Hij had in Colin’s bibliotheek zitten werken, aan de achterzijde van het huis. Vanuit het raam kon hij het zwembad zien liggen, maar nu was het vanwege de regen met een zeil afgedekt.

Zijn lezingen zou hij pas over anderhalve week houden en die hoefde hij sowieso amper voor te bereiden. Wat hij daar ging vertellen kon hij dromen en zijn publiek bestond tegenwoordig louter uit middelbare dames met paardengebitten en te grote brillen, die op alles met “oh, really?” reageerden en na afloop op de borrel zich om hem zouden verdringen om hun eigen hijgerige theorieën over koning Henry VIII te spuien. Als hij geluk had, zou iemand één van zijn drie andere boeken gelezen hebben en zou er een interessant gesprek kunnen volgen. Als hij pech had, zou één van de dames hem proberen te versieren. Als hij echt veel pech had, zou hij erop ingaan. Twee jaar geleden was hij aangeschoten ingegaan op de avances van ene Alice, de vrouw van een lokale Tory-politicus. Alice was een intelligent en kordaat type geweest en na de borrel had hij zich door haar naar zijn hotel laten brengen – en meer. Pas achteraf drong tot hem door dat ze dezelfde voornaam had als zijn moeder. Met deze freudiaanse connectie in het achterhoofd, had hij haar vervolgtelefoontje beleefd afgewimpeld. Ze nam het vrij sportief op, maar soms vreesde hij dat ze bij een nieuwe lezing weer op zou duiken. Tot nu toe was dat nog niet gebeurd.
Hij hoorde Colin roepen of hij mee wilde rijden naar Oxford. Sinds Tamar weg was, leek Colin’s hartelijke houding ietwat bekoeld, al deed hij zijn best niets te laten merken.

woensdag 13 juni 2007

XXIX

Na een paar dagen was de oude vertrouwde sleur van het leven en werken in Amsterdam er weer in geslopen. De eerste dag had nog spannend en anders geleken, maar al snel hadden de dagen zich aaneen geregen als een onherkenbare brei van saaie taken en taakjes. Ze vroeg zich weleens af of ze niet een heel ander beroep had moeten kiezen. Misschien had ze iets kunstzinnigers of creatievers moeten gaan doen. Ze hoopte maar dat een andere omgeving de sleur enigszins zou verlichten. Een nieuwe stad, een nieuwe taal, een nieuw kantoor met nieuwe collega’s, dat moest toch perspectieven geven.
Ze staarde uit haar raam en dacht aan alles wat ze nog moest regelen. Ze dacht aan Marlies die onverhuld teleurgesteld had gereageerd op haar enthousiaste verhalen over Londen en haar sollicitatiegesprekken. Ze had de Colin-episode verzwegen. Enerzijds om het gesprek kort te houden, anderzijds om afkeurend gesmak en ge-tsst aan de nadere kant van de lijn te voorkomen. En om opmerkingen als: ‘Ik ben dan wel wanhopig wat mannen betreft, maar ik doe het niet met bejaarden’ uit de weg te gaan.
Het was vijf uur. Zou ze het kunnen maken weg te gaan? Ze besloot haar computer aan te laten staan en haar jas te laten hangen en na de boodschappen terug te komen om die op te halen. Dan leek het of ze was blijven zitten, maar had ze toch een uurtje voor zichzelf gehad. Ze haalde haar fiets uit de fietsenstalling en begon aan een ronde langs de Appie, de Blokker, de Etos en de boekhandel en bracht vervolgens alles naar haar appartement. Rond half 7 was ze weer op kantoor. Ze sloop naar binnen, haalde haar jas op en zette haar computer uit om vervolgens met veel ‘tot morgen' geroep het pand te verlaten.

dinsdag 12 juni 2007

XXVIII

Het was feitelijk hun laatste ruzie geweest voordat ze uit zijn leven was verdwenen, maar hij had nooit de connectie begrepen. Hij zag haar nog geagiteerd heen en weer lopen in zijn woonkamer. Ze had iets tegen hem gezegd dat hij niet verstaan had en toen hij had gevraagd wat ze bedoelde, ging ze compleet uit haar dak.

‘Je bent een geest in je eigen huis, Thomas, zie je dat dan niet?’
‘Ik ben er toch?’
‘Nee, dat is niet waar,’ zei Hannah verbeten. ‘Je bent fysiek misschien wel aanwezig, maar je bent er geestelijk nooit helemaal bij.’
‘Ik denk veel na.’
Ze rolde met haar ogen. ‘Dat is het niet. Houd op met spelletjes spelen. Je weet precies waar ik het over heb. Je bent afwezig, je leeft nergens, je vestigt je nergens.’
‘Dit is mijn huis!’ riep hij terug.’
‘Begin maar te schreeuwen, dat helpt,’ was haar sarcastische antwoord.
‘Ik woon hier! Als ik ergens het recht heb om te schreeuwen, is het hier!’
Terwijl hij de woorden uitsprak, realiseerde hij zich hoe kinderachtig het klonk.
‘Je wóónt hier.’ Ze keek hem spottend aan. ‘Zie je het dan niet? Je appartement is ingericht als een hotelsuite.’
‘Dat is niet waar. Ik heb geen minibar.’

Dat was het. Daarna was ze de deur uitgestormd. Anderhalve week later belde ze en deed ze – zoals altijd – alsof er niets was voorgevallen. Ze kwam eten, bleef slapen en ging ’s ochtends vrolijk de deur uit. Hij had haar daarna nooit meer gezien. Het duurde even voordat hij doorhad dat ze vertrokken was. Pas toen haar mailaccounts gesloten bleken en haar telefoonnummer niet meer in gebruik, begon hij argwaan te krijgen. Een telefoontje naar haar werk leerde hem dat ze haar baan twee maanden eerder had opgezegd. Ze bleek alles gepland te hebben.

maandag 11 juni 2007

XXVII

Haar laatste dag in Londen had Tamar ontspannen doorgebracht. Na haar kater en het goede nieuws over haar nieuwe baan had ze heerlijk geslapen. Ze had haar ouders gebeld en haar baas in Nederland. Ze had wat websites afgezocht naar woonruimte maar had zich al snel zo moe gevoeld dat ze vroeg naar bed was gegaan. Het was 7 uur toen ze haar koffers dicht ritste en het hotel verliet.

Om één uur stak ze de sleutel in het slot van haar voordeur. Op de mat lag een stapel post; reclamefolders, een bestelling van Amazon, het nieuwe Bijenkorf boekje.
Ze schudde haar koffer leeg op de houten vloer van haar appartement en sorteerde de kleren die de was in moesten. Ondertussen zette ze haar laptop aan en haalde de mail binnen. Automatisch startte ook MSN op, en ze was nog niet koud aangemeld of Marlies begon tegen haar te praten. Nee, hè, niet Marlies. Marlies was eigenlijk geen echte vriendin. Marlies was een soort restkennis. Marlies was zelf niet zo gelukkig in haar leven en leefde op de ellende van anderen. Ze was niet echt knap, eerlijk gezegd dachten veel mensen als ze een foto van haar zagen dat ze een travestiet was. Een niet zo mooie travestiet. Het gebrek aan looks gecombineerd met haar bemoei- en roddelzieke karakter zorgde ervoor dat ze weinig vriendjes kreeg, en als ze er eentje had deze niet wist vast te houden, wat haar slechte karaktereigenschappen en minderwaardig zelfbeeld alleen maar versterkte. Marlies leefde op als anderen in de put zaten. Toen Tamar een aantal maanden geleden Harjo in een zeer compromitterende pose op hun bank had aangetroffen met het schoolvoorbeeld van een anorexia-waarschuwing, had Marlies haar elke avond gebeld en gesmeekt om alle ranzige details. Bij elke snik van Tamar was Marlies meer opgeleefd.

vrijdag 8 juni 2007

XXVI

De beschrijving die Wil van de twee mannen had gegeven, bracht zelfs na terugkomst onder de douche een brede lach op zijn gezicht. "De dikke, zwetende kerel" sloeg overduidelijk op Wijnand en "een magere kalende vent" waarvan zijn buurvrouw zei dat ze die wel vaker had gezien, kon alleen maar Brian zijn. Waarschijnlijk waren ze langsgelopen om te kijken of hij mee wilde naar de kroeg. Wijnand moest wel erg om zijn gezelschap verlegen zitten, hij leefde voor zijn antiquariaat en was òf daar òf in de kroeg te vinden. Af en toe sliep hij ook nog een paar uur in zijn kleine, duur gemeubileerde appartement. Alle drie de locaties lagen op nog geen vijf minuten lopen van elkaar en met recht kon gezegd worden dat Wijnands leven zich binnen een straal van twee kilometer afspeelde. Het mocht een wonder heten dat Brian hem had weten mee te krijgen naar Thomas’ eigen appartement in de Van Aerssenstraat.

Hij draaide de waterkranen dicht en liep vals fluitend naar zijn kamer in het landhuis. Colin was nergens te bekennen. De logeerkamer met het onopgemaakte bed zag er nog net zo rommelig uit als toen hij was opgestaan. Voordat hij Tamar had weggebracht, was hij even teruggeweest om zich om te kleden, wat de chaos alleen maar vergroot had. Thomas zuchtte en ging op de rand van het bed zitten Zoveel logeerkamers, hotelkamers, slaapkamers van zijn losse vriendinnetjes. Hoeveel nachten had hij in zijn eigen slaapkamer doorgebracht? Onwillekeurig dacht hij weer aan Hannah en hoe vaak ze woedend voor hem had gestaan in wat hij haar "kippenhouding" noemde: licht voorover gebogen, haar vuisten gebald op haar heupen. Zoveel irritaties, zoveel discussies, zoveel ruzies. Maar had ze gelijk gehad? Was hij inderdaad een logé, een gast, overal waar hij was? Zelfs thuis?

donderdag 7 juni 2007

XXV

Pas toen ze weer op de stoep voor het kantoor stond was ze in staat rustig na te denken. Na het telefoontje van de recruiter was ze in haar zwarte pak geschoten en had de metro genomen. Alles was binnen no time geregeld. Zij wilde daar graag werken, de partners wilden haar graag hebben. Terwijl het verkeer door de straat raasde probeerde ze ergens een tentje te ontdekken waar ze iets te eten kon krijgen. Ze had een kater en was ineens doodmoe van alle zenuwen en de veel te korte nacht. Aan het einde van de straat ontdekte ze een Starbucks. De loungestoelen waren uitnodigend leeg en het was stil binnen. Ze bestelde een mango frappacino en een stuk chocoladetaart. Ze zakte weg in een stoel en genoot van de rust.
Ze dacht aan haar toekomst in Londen, aan haar appartement in Amsterdam, aan haar baan daar, aan haar ouders. Ze dacht aan Hannah die ze al zeker anderhalf jaar niet had gesproken. Onwillekeurig dacht ze aan Thomas. Hoe kwam hij aan haar nummer en waarom wilde hij zo graag eten? Ze moest ineens denken aan iets dat jaren geleden had plaatsgevonden. Ze was bij een vriendin op bezoek geweest in Eindhoven en besloot op weg naar het station nog even naar de Bijenkorf te gaan. Ze zou drie weken later een gala hebben en wilde nog even kijken voor een nieuwe galajurk. Op de afdeling met avondkleding had ze eindeloos rond gekeken en vier jurken gepast die alle vier geweldig waren. Ze had eindeloos voor de spiegel staan dralen in een zwarte jurk waarvan het lijfje, een haltertop model, bezet was met pailletten en de rok uit 6 lagen voile bestond. Ineens was vanachter een rek kleding Thomas opgedoken: ‘Hij staat je geweldig, je moet hem nemen. Ik betaal.’

woensdag 6 juni 2007

XXIV

Nadat ze de deur van het hotel was binnengegaan, zag hij ineens de ironie van de situatie. Hij stond bijna op dezelfde plek als gister toen hij haar in de hoofdstad was gaan zoeken. Om haar uiteindelijk in Colin’s zwembad aan te treffen. Colin. Haar zwarte jurkje was berookt door zijn sigaren en de geur hing nu ook in de bekleding. Thomas kon nauwelijks geloven dat ze dat jurkje voor zijn vriend had uitgetrokken. Hij was zelf ook bepaald geen heilige, maar de manier waarop Colin met vrouwen omging… Hij herinnerde zich het kleine schandaaltje op de universiteit, toen ze met zijn tweeën wilden gaan lunchen en een buitenlandse studente Colin om zijn nek vloog en zijn gezicht overlaadde met zoenen, terwijl ze maar “professor Auger” bleef roepen. Gelukkig voor Colin bleek het meisje een verdwaasde verliefdheid voor hem te hebben opgevat en was hij nooit op haar eerdere avances ingegaan. Zo liep het met een sisser af, maar het was wel een voorbeeld van diens onzalige aantrekkingskracht op vrouwen. En nu Tamar. Was dit de eerste keer dat ze het bed deelden? Of had er eerder alleen een spanning tussen hen gespeeld? Merkwaardig dat Colin hem daarover nooit wat verteld had. Tenslotte was Colin wel volledig op de hoogte van de situatie met Hannah en waarom zou hij dan… De driftige toeter van een claxon deed hem opschrikken en hij trok haastig op. Al die tijd had hij gewoon midden op de weg gestaan. Hij probeerde eerst Wijnand te bereiken, maar zowel bij de winkel als op zijn mobiel werd niet opgenomen. Daarna belde hij zijn buurvrouw Wil op om te vragen hoe het met Rover ging. Ze nam direct op en vertelde hem op samenzweerderige toon dat er een paar keer twee mannen vruchteloos bij hem hadden aangebeld.

dinsdag 5 juni 2007

XXIII

Ze reden Argyle Street in. Thomas stopte de auto precies voor de ingang van het hotel.
‘Dank voor het thuisbrengen,’ zei ze terwijl ze hem aankeek. ‘Misschien zie ik je nog. Sorry van deze genante ontmoeting.’
Ze maakte haar riem los en wilde uit de auto stappen toen hij zijn hand op haar knie legde.
‘Laat me weten wat de uitkomst van je gesprek is. Als je hier komt wonen, kunnen we misschien eens samen eten.’
Hij vroeg het niet eens, hij nam gewoon aan dat ze dat oké vond. Ze keek hem verbaasd aan en wurmde zich uit de auto en onder zijn hand uit.
‘Is goed,’ riep ze, terwijl ze richting de ingang liep en vluchtig richting de auto zwaaide. Zijn nummer had ze toch niet. Ze keek niet om toen ze naar binnen liep.

Na een snelle douche bleef ze angstvallig haar telefoon in de gaten houden. Onder de douche had ze zelf een aantal keer gedacht dat ze haar telefoon hoorde, maar elke keer als ze drijfnat haar schermpje had bekeken bleek het een geluid in haar hoofd te zijn geweest. Ze schoot net een spijkerbroek aan toen de telefoon echt ging. Het was Thomas.
‘Voor het geval je mijn nummer nog niet had, heb je het nu. Tot snel!’
Hij hing op. Dit was bizar. Hij had haar nummer?!? Ze stond zich nog steeds te verbazen toen de telefoon weer ging. Ze nam op en hoorde de vriendelijke stem van de vrouwelijke recruiter aan de andere kant van de lijn. Ze had deze dame al een paar keer gesproken, ze heette Alicia of Felicia, dat vergat ze steeds. Iets met Langemark als achternaam. Mevrouw Langemark vroeg of ze langs wilde komen. Ze wilden haar heel graag hebben. Of alles vandaag nog geregeld kon worden?

maandag 4 juni 2007

XXII

Hij zag dat zijn opmerking haar onaangenaam getroffen had. Het was ook onder de gordel, maar hij wilde haar tegelijk waarschuwen zich niet te veel met Colin in te laten. Het was een goede vriend, maar op vrouwengebeid notoir onbetrouwbaar.
‘Hoe kom je eigenlijk bij Colin verzeild?’ vroeg Thomas.
‘We gingen wat drinken.’
Verbaasd blikte hij naar links.
‘Oh?’
‘Van het één kwam het ander.’
Hun blikken haakten een seconde in elkaar, voordat ze haar ogen afwendde. Hij herinnerde zich dat hij moest vragen wat ze in Londen deed. Ze wist natuurlijk niet dat Marlies hem dat verteld had.
‘Ik heb een sollicitatiegesprek gehad. In twee ronden. Ik hoor straks hoe het ervoor staat.’
‘Zenuwachtig?’
‘Mwoah,’ antwoordde ze.
‘Werk je nog steeds in Zuid-Oost?’
Tamar knikte als antwoord en er viel een stilte tussen hen. Alleen het geluid van de motor was nog te horen. Had hij nu de radio of cd-speler maar aangezet. Toen ze vertrokken leek het hem onbeleefd, alsof hij niet met haar wilde praten. Hij kon niet precies benoemen wat er bij haar speelde, maar hij voelde haar onrust. Was het toch alleen haar sollicitatie waar ze mee bezig was?
‘Zorgt het kantoor voor woonruimte, of moet je dat zelf zoeken?’
‘Als ik de baan krijg, ga ik eerst pendelen. Ik krijg tijdelijk een appartement, maar ik moet dan wel op zoek naar iets permanents voor mezelf.’
‘Misschien dat Colin iets weet.’
‘Er is verder niks tussen Colin en mij,’ wees ze hem scherp terecht. ‘En als je het wil weten, ik heb er nu al spijt van.’
Ze lachte er schor bij, alsof ze een doorgewinterde roker was. Die mededeling vrolijkte hem behoorlijk op.
‘Wie is de scharrel die vaak bij hem is?’ Opnieuw verbaasde hij zich over haar directheid. ‘Een studente die Tania heet.’

vrijdag 1 juni 2007

XXI

Ze dacht snel na. Als hij haar wegbracht kon ze nog even met hem praten. Vragen hoe het met hem ging. Misschien wist hij wel meer van Hannah dan zij. Had hij haar later gesproken of gezien? Hij was gek genoeg een privé-detective in te schakelen, dus waarschijnlijk wist hij echt meer dan zij. Ze besloot dat hij haar weg mocht brengen. ‘Okay, let’s go!’ Ze keek hem lachend aan en hij keek verrast terug en trok zijn wenkbrauwen licht op. Ze probeerde zich in haar BH te wurmen zonder haar handdoek af te doen. Toen bedacht ze zich dat dit misplaatste preutsheid was na de scène van een paar minuten geleden. Ze liet haar handdoek vallen, Thomas wendde gentlemen-like zijn blik af. Ze trok haar ondergoed aan en stapt in haar jurk. De jurk stonk naar verschaald bier en Colin’s sigaren.
Thomas liep naar de garage, ze volgde hem op een meter afstand. Ze stapte naast hem in de auto. Met een druk op de afstandbediening opende hij de poort en sloot hij hem weer toen ze op de weg stonden.

Samen reden ze het Engelse landschap in. Het was vreemd naast hem te zitten. Ze kende hem zo goed, en toch op een andere manier. En leek een spanning tussen hen te hangen die niks met Hannah te maken had. Althans niets met haar verdwijning. ‘Ik had je daar niet verwacht’, fluisterde ze. Ze vond dat ze er iets over moest zeggen. ‘Als ik het geweten had…’
‘Geeft niks,’ brak Thomas haar af. ‘Colin neemt massa’s jonge meisjes mee naar huis, je bent niet de eerste die ik ’s ochtends naakt in het zwembad tref’.
Fok. Dat was fijn. Lekker direct was hij. En net nu ze dacht dat ze misschien een bijzondere plek in nam in Colin’s hart.