donderdag 14 juni 2007

XXXI

Het was zaterdagochtend 8 uur. Met prikkende ogen en een duidelijk katergevoel probeerde Tamar de radiowekker op het nachtkastje een enorme mep te verkopen. Over een uur zouden haar ouders op de stoep staan om een groot deel van haar spullen mee te nemen naar hun huis in Zeeland.
Ze voelde zich beroerd. De avond ervoor had ze doorgebracht in een cocktailbar in het centrum. Samen met Sam en Pat had ze vanaf acht uur onafgebroken haar best gedaan alle cocktails van de kaart te bestellen. Sam, eigenlijk heette ze Samantha, en Pat, de afkorting voor Patrick, waren uit Leiden en Den Haag gekomen om de wekelijkse sleur te doorbreken en het oude studentengevoel weer op te roepen. Sam woonde in Leiden samen met Paul en was sinds een half jaar de niet zo trotse moeder van een monster van een baby. Pat had, sinds hij drie jaar geleden uit de kast was gekomen, eigenlijk geen nacht meer alleen geslapen. Zijn sleur bestond er eigenlijk uit dat hij zich elke ochtend weer afvroeg wie de man naast hem was. Nadat ze van de kaart een stuk of vijftien cocktails hadden geprobeerd en toe waren gekomen aan de cocktails voor twee of meer personen, ‘de emmers’ zoals Pat ze noemden, was het gesprek op Colin gekomen. En uiteraard waren haar twee roddelzieke vrienden hysterisch geworden van nieuwsgierigheid toen ook Thomas in het verhaal bleek voor te komen. Want ook al was Thomas soms wat vreemd, volgens Pat was hij wel enorm lekker. ‘Zo’n man, zo’n intellect, die ogen, die laat je toch niet meer los!’ had Pat door het café geroepen. ‘En hij heeft je naakt gezien, dit is voorbestemd!’ Pat bleef het de hele avond als een mantra door het café schreeuwen: ‘hij heeft je naakt gezien, dit is voorbestemd.'

Geen opmerkingen: