vrijdag 22 juni 2007

XXXVII

De eerste dagen in Londen waren omgevlogen. Ze was er nu bijna een week en begon enige routine te ontwikkelen. Ze wist hoe laat ze van huis weg moest gaan om op tijd op kantoor te komen. Ze wist waar de supermarkt zat en voelde zich al een beetje thuis in haar appartement. Om zich nog meer thuis te voelen had ze haar ouders gevraagd haar kitchenaid en haar collectie kookboeken op te sturen. Ook had ze twee reproducties van Picasso gekocht en die opgehangen op de plaats in haar appartement waar twee bizarre actionpainting achtige schilderijen hadden gehangen. Ze had nog geen vrienden gemaakt. Ze besefte dat dat ook niet kon in minder dan een week tijd, maar het was haar zelfs niet gelukt het begin van een warme band op te bouwen met haar collega’s Alleen Gladys, haar secretaresse, en de recruiter, die toch echt Felicia bleek te heten, hadden haar gevraagd hoe het was gegaan met het settelen en hadden haar aangeboden haar een keer wat van Londen te laten zien. Haar andere collega’s leken niet of nauwelijks geïnteresseerd en spraken haar alleen maar aan als ze haar ergens voor nodig hadden. Zo had ze de eerste week een paar keer bij kunnen springen met wat informatie over het Nederlandse recht en hadden drie collega’s haar iets gevraagd over Duits recht. Die drie vragen waren vrij overbodig geweest want achteraf bleken de vragenstellers het antwoord zelf ook al te hebben, wat ze omstandig demonstreerden door hele verhandelingen over Duitse jurisprudentie te houden. Ze hoopte dat ze volgende week bij een cliëntenbespreking mocht zitten. Eigenlijk was haar week vrij saai geweest. Afgezien van de spanning van een nieuwe stad was hij nog saaier geweest dan een werkweek in Amsterdam. Ze hoopte maar dat dat snel zou gaan veranderen.

Geen opmerkingen: