vrijdag 4 juli 2008

CCXL

Thomas zuchtte diep. Waarom had ze niet op hem gewacht? Als ze haar verdriet alleen wilde verwerken, begreep hij dat wel. Maar hij zou graag willen dat ze hier echt samen met elkaar over konden praten. Het zou hen dichterbij elkaar brengen, in plaats van de stille verwijdering die hij nu aanvoelde. Hij gooide zijn kleren op de grond en negeerde Hannah’s stem in zijn hoofd die hem daar zo vaak vermanend op had aangesproken, en draaide de kranen van de douche open. Toen het water heet genoeg was geworden en er dampen in de badkamer begonnen op te komen, ging hij onder de straal staan. Hij had het gevoel half te verzuipen, leunde met zijn handpalmen tegen de muur voor hem en deed zijn ogen dicht. Ondanks de hitte kreeg hij kippenvel op zijn armen. Na zijn gevoel een eeuwigheid onder de douche te hebben staan, draaide hij alleen de warme kraan dicht. Na een paar seconden al hapte hij naar adem door de abrupte overgang. Na een paar minuten begon hij aan het ijswater te wennen en draaide hij ook de andere kraan dicht. Tijdens het afdrogen riep hij Tamars naam, maar er kwam geen reactie. Hij fronste. Blijkbaar was ze nog steeds weg. Waar was ze heengegaan? Toen hij de veters van zijn tweede bootschoen aan het strikken was, hoorde hij haar de roomkey in het slot schuiven.
‘Waar was je?’
Hij schrok zelf van de toon van zijn stem. ‘Heengegaan, bedoel ik?’
‘Een rondje lopen,’ antwoordde Tamar terughoudend.
‘Had je geen bericht kunnen achterlaten?’
‘Sorry, vergeten.’
‘Mooie boel.’ Hij wilde nog meer zeggen, haar duidelijk maken dat er al zoveel gebeurd was, dat het misschien niet veilig was als ze zomaar ’s ochtends vroeg over straat ging zwerven. Maar hij liet nu het maar achterwege.

Geen opmerkingen: