Ze zaten samen in de taxi terug naar het hotel. Tamar was blij dat Thomas Fabrizzio had gebeld, dit zou ze een hoop ellende kunnen besparen. Ze konden nu niet verdacht worden van het achterhouden van informatie en ze konden nu ook niet op eigen houtje achter Bianca aan gaan, mocht Thomas dat idee in zijn hoofd halen. Thomas zat naast haar en keek naar buiten, in gedachten verzonken. Ze snapte wel dat hij geïntrigeerd was door de hele toestand. Hij kende Luigi en Bianca al langer en maakte zich daarom waarschijnlijk meer druk om hun dubbelrol dan zij. Hij was ook al jaren bezig met Hannah en kende haar grillen als geen ander. Voor Tamar was deze Romeinse wereld met verraad, intriges en overspel zo ver van haar verwijderd dat ze zich er weinig van voor kon stellen. Hannah had altijd al meer gevoel voor drama gehad, was altijd bezig geweest met complotten, had er nooit voor teruggedeinsd vriendjes voor elkaar in te ruilen, vriendschappen te verstoren en haar minnaars voor alles te laten betalen. Omdat dit alles zo ver van Tamar’s belevingswereld was verwijderd kon ze er ook weinig mee. Ze kon de rollen van alle personen die de afgelopen weken de revue hadden gepasseerd niet duiden en kon hun motieven niet verklaren of voorspellen. Voor haar stond vast dat haar zus was vermoord door Grimani en meer hoefde ze er eigenlijk ook niet van te weten.
Ze keek naar Thomas terwijl hij gebiologeerd uit het raam keek. Hij leek met intense precisie de gevelreclames te bestuderen.
‘Denk je dat Bianca er mee te maken heeft? Met Hannah’s dood dan? Of denk je dat zij juist Grimani erbij heft gelapt? En waarom wilden ze ons zo graag zien die dag in de Capitolijnse musea dat ze er voor terug kwamen naar Rome?’
dinsdag 22 april 2008
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten