vrijdag 11 april 2008

CCXXX

Anders dan hij gedacht had, bleek Fabrizzo weinig spraakzaam. Hij leek niet over de zaak te willen praten en weerstond alle pogingen van Thomas om openingen te vinden. De politieman wilde alleen kwijt dat ze Grimani op het spoor waren na wat anonieme tips, maar dat hij in het belang van het onderzoek niets meer kon zeggen. Van een meningsverschil met DiMatteo leek geen sprake. Had Thomas het dan toch verkeerd begrepen, de lichaamstaal die Fabrizzio leek uit te stralen? Gek genoeg maakte Fabrizzo geen aanstalten om het gesprek zelf te beëindigen, maar leek hij te wachten tot Thomas het zelf op zou geven. Dat moment kwam snel daarna, omdat Thomas domweg door zijn vragen heen was en er geen antwoorden kwamen van de Italiaan. Op de valreep schoot Thomas te binnen dat hij misschien naar Leslie Craven zou kunnen vragen, maar zou hij wel slapende honden wakker moeten maken? De politie zou niet zo blij zijn met een rondneuzende privédetective, zeker niet als die ook verdwenen leek te zijn. Terwijl hij nadacht, probeerde hij Fabrizzio aan de praat te houden over Grimani.
‘Zijn de tips over Grimani betrouwbaar?’
Aan de andere kant van de lijn hoorde hij Fabrizzio grinniken. ‘Dat zou ik wel denken.’
‘Hoezo dan?’ vroeg Thomas, die een kansje rook om meer te weten te komen.
‘Een wraakzuchtige vrouw is erger dan de hel, of zoiets is toch een uitdrukking?’
Thomas luisterde maar half, hij hoorde alleen het eerste deel. ‘Een wraakzuchtige vrouw?’
Fabrizzio schraapte zijn keel. ‘Een ex-minnares. Getrouwd nota bene.’
Thomas herinnerde zich DiMatteo’s opmerkingen hierover.
‘Woont ze hier in Rome? Waar kent ze Grimani van?’ drong Thomas aan.
Fabrizzio aarzelde hoorbaar. ‘Ik heb al te veel gezegd. Ze kennen elkaar uit de kunstwereld. Ze schijnt alles te weten over Mantegna.’
Thomas verstijfde. Bianca?!?

Geen opmerkingen: