Hij leek nogal gepikeerd. Of hij deed alsof. Tamar moest altijd inwendig grinniken als Thomas boos was, of boos speelde, ze wist nooit precies zeker wat het nu was. Hij kwam met een gezicht op onweer de bus uit. Hij keek kwaad over haar schouder toen ze naar de auto wees en begon toen met veel misbaar zijn tas uit de bus te sjorren. Waarschijnlijk had de jarenlange relatie met haar zus ervoor gezorgd dat hij overduidelijk boos moest doen om te zorgen dat het indruk maakte op haar. Vanaf het moment dat hij pissig van haar was weggelopen, met eerst de verkeerde koffer, was hij bezig geweest zijn boosheid aan haar te demonstreren. Ondanks dat ze erg moest lachen om zijn houding vond ze het niet helemaal terecht.
Hij liep met zijn tas richting de Panda. ‘En waar heb je die vandaan?’ Vroeg hij nors.
‘In westerse landen hebben ze op vliegvelden bedrijven die auto’s verhuren. Als je dan geld betaalt krijg je een auto mee die je dan een tijdje mag lenen’.
‘Jij bent echt irritant‘. Hij zei het nog steeds bozig, rukte de achterportier open en gooide zijn tas op de achterbank. Daarna ging hij demonstratief met zijn armen over elkaar op de bijrijder stoel zitten. Tamar stapte op de bestuurdersplek en gooide een kaart van Rome op Thomas’ schoot. ‘Via Giulia’ zei ze terwijl ze de auto startte. Thomas zei niks maar begon wel de kaart uit te vouwen. ‘Daar woont ze’ zei Tamar. ‘Of woonde ze, dat weten we nu niet meer zeker’. Thomas keek haar aan, voor de zoveelste keer die dag met een blik alsof hij haar niet begreep. ‘Ik heb het DiMatteo gevraagd, toen we richting de auto liepen vanuit de San Giovanni. Hij gaf geen nummer, alleen deze straatnaam’.
dinsdag 4 december 2007
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten