dinsdag 20 november 2007

CXXXVI

DiMatteo luisterde beleefd naar Tamars uitleg.
‘En u had deze mannen nog nooit eerder gezien?’
Thomas hoopte dat ze deze vraag op de juiste manier zou beantwoorden en hij was opgelucht toen hij haar hardop ‘nee’ hoorde zeggen.
De politieman tuitte opnieuw zijn lippen. ‘Ook niet als u er over nadenkt? Ook niet eerder tijdens uw verblijf in Rome iets verdachts meegemaakt? U hebt niet het gevoel dat u gevolgd werd of in de gaten gehouden?’
Tamar had actrice moeten worden, vond Thomas. Ze wist niet alleen de volmaakte onschuld uit te hangen, maar door de intonatie van haar antwoorden gaf steeds meer aan dat ze de vragen van de inspecteur maar onzinnig vond.
De mobiele telefoon van DiMatteo’s ging af en hij voerde een kort gesprek met de beller.
‘Het busje is leeg teruggevonden,’ zei hij, terwijl hij zijn mobieltje dichtklapte. ‘Gestolen uiteraard. Een oplettende oudere dame heeft een paar mannen over zien stappen in een andere auto. Er wordt nu naar hen gezocht.’
‘Kunnen we nu gaan?’ vroeg Tamar liefjes. ‘Ik weet zeker dat u die criminelen pakt. En we vliegen vanavond terug naar Nederland.’
DiMatteo deed zijn mond open om te antwoorden, maar zijn blik dwaalde af richting de deur. Thomas en Tamar draaiden hun hoofd en zagen een agent naar DiMatteo wenken. De inspecteur verontschuldigde zich. Het duurde bijna tien minuten voor hij terug was.
‘Het appartement van Hannah Mendel, uw zus en uw ex-verloofde, is verlaten. De Mercedes staat er wel voor de deur, maar bijna al haar persoonlijke spullen zijn weg. Ik begin steeds nieuwsgieriger te worden naar deze zaak,’ zei DiMatteo opgewekt. ‘En ik dacht nog wel dat dit een maandag vol routine zou worden.’
Hij ging weer zitten.
‘Dus, mevrouw Mendel, ik denk dat u beiden nog even hier te gast blijft.’

Geen opmerkingen: