Volkomen verbouwereerd legde Tamar de telefoon terug op de haak. Ze stond midden in haar kamer en keek verdwaasd naar de witte kantoorwanden. Na drie jaar niets van haar zus gehoord te hebben belt ze simpelweg op om je te feliciteren met je verjaardag.
Tamar ging op haar bureaustoel zitten en liep het hele gesprek na in haar hoofd. Hannah had haar gefeliciteerd. En Tamar was stil gebleven, met stomheid geslagen. Hannah was in een schor lachen uitgebarsten en had gezegd dat zij het echt was. Toen Tamar eindelijk een mompelend ‘jeetje’ kon uitbrengen was de stationsomroeper weer opnieuw begonnen en had wederom zijn onverstaanbare verhaal afgedraaid. Het was duidelijk Italiaans geweest, bedacht ze zich nu. Hannah stond ergens op een Italiaans station. Na ‘jeetje’, had Hannah haar gevraagd hoe het met haar ging. En Tamar had alleen ‘goed’ kunnen uitbrengen. Pas toen bedacht ze zich dat dit haar enige manier was meer te weten te komen van Hannah en vooral waar ze was. Dus greep ze haar kans om iets meer te zeggen dan ‘jeetje’ en ‘goed’. Ze vroeg hoe het met Hannah ging. Waar ze was Waarom ze weg was gegaan. Waarom ze niets had laten weten, ook niet aan papa en mama. Waarom ze nu belde. Vooral dat laatste wilde Tamar weten, waarom belde ze nu?
Hannah had niet op alle vragen antwoord gegeven.Ze zei dat ze Tamar miste, met haar wilde praten. Dat ze haar redenen had gehad weg te gaan. En dat ze haar redenen had gehad niets te laten horen. Dat ze niet kon zeggen waar ze was. En dat ze snel weer zou bellen. En toen hing ze op.
Tamar draaide heen en weer op haar bureaustoel. Ze moest haar ouders bellen. En misschien moest ze Thomas ook bellen. Misschien was dat verstandig.
woensdag 11 juli 2007
Abonneren op:
Reacties posten (Atom)

Geen opmerkingen:
Een reactie posten